Gouden Kapel Ave Maria

Gouden kapelDeze kapel is geïntegreerd in het klooster en de school van de zusters van Maria, instellingen gesticht door Joseph van Huerne in het begin van de negentiendede eeuw. Joseph de Pélichy, kleinzoon van van Huerne, bouwde het instituut verder uit, en gaf rond 1845 de kapel haar huidige vorm. Ze moet worden gesitueerd in het réveil van die tijd rond de Mariaverering, vooral teweeggebracht door het dogma van de 'onbevlekte ontvangenis' uit 1854. In haar geheel beschouwd is de kapel één van de gaafst bewaarde ensembles uit die tijd in Vlaanderen.


De kapel is een zaalkerk, gedekt door een tongewelf. De architectuur is zeer eenvoudig, maar de nadruk ligt op de rijke versiering met schilder- en beeldhouwwerk. De stijl is laat-neoclassicisme, een negentiende-eeuwse verwerking van renaissance- en barokelementen.


Het orgel, dat momenteel onbespeelbaar is, is een prachtig instrument van Mercklin-Schützer uit Brussel. De pijpen kwamen uit Parijs.


Op de verdieping is er overigens nog een kleinere kapel, de zogenaamde 'zilveren' kapel, zo geheten naar de zilveren hartjes op de muur, die de congreganisten voorstelden. Ooit was er zelfs nog een 'bronzen' kapel, maar die is verdwenen.